De Zaaier III 

In de evangelielezingen van deze weken verhaalt de apostel Matteüs over de verschillende gelijkenissen die Jezus de mensen voorhield over zaaiers en oogsten. In de laatste uit de rij (Matteüs 13, 44-52 ) vertelt Jezus onder andere: ‘Je kunt het koninkrijk der hemelen vergelijken met een schat, die in een akker verborgen was. Op een dag was er iemand die hem vond. Direct daarna verborg hij hem opnieuw. De man ging naar huis en verkocht van blijdschap alles wat hij had. Zo kon hij die akker kopen.’ 

Een verborgen schat 

Weggeven van je bezit om rijkdom te vinden, dat klinkt toch tegenstrijdig? We hebben tenslotte ook onze verantwoordelijkheden, ten opzichte van onszelf en voor elkaar. Je kunt toch niet leven van de lucht? Daarbij: als we ons van al ons bezit hebben ontdaan, dan sluit God zich niet als vanzelf op in ons hart. Ik denk ook niet dat van ons gevraagd wordt om alles wat we bezitten te verkopen en zo afstand te doen van al het stoffelijke, om daarmee een beter mens te kunnen worden. Gods liefde is ook niet iets dat we moeten verwerven: het is er al! Maar misschien mogen we zo nu en dan wel iets van onze zelfzucht laten afsterven, afstand nemen van ons ego-gericht denken en niet alles op onszelf betrekken. Dat schept ruimte voor nieuw en geeft lucht aan gedachten die ons positief stemmen en op weg helpen. 

Ruimte om te groeien 

Gods aanwezigheid in je voelt soms als een kostbare schat waarmee je niet te koop loopt: als je Hem vindt, dan verberg je Hem doorgaans meteen weer. ‘De zoektocht naar God is geen dansen op het podium’, las ik eens. God is discreet. Hij woont in de stilte van je diepste zijn. God is soms even intens als intiem aanwezig in je leven, maar wiens aanwezigheid tegelijk zo broos is, dat als je er niet naar leeft het ook zo weer lijkt te zijn verdwenen. En zo blijft God een innerlijke, verborgen schat. 

Wij zijn geschapen naar Gods beeld, zo is mij geleerd. God heeft daarin over mij een visie die ik nog niet verwezenlijkt heb. God kent ons daarin als geen ander. En gelukkig maar! Hij neemt ons zoals we zijn. Zoals we zijn mogen we meewerken aan een wereld zoals God die heeft bedoeld toen Hij aan het scheppen sloeg, en toen Hij mensen aan elkaar gaf om die hemel waar te maken. Ik ben nog in wording, in groei naar wat ik eens totaal zal zijn in Gods ogen en God vormt daarmee de wortels van het idee waar mijn ik uit groeien mag. Daarin zaait Hij iets van zichzelf, in zijn Woord voor jou, voor mij: “Mens, je bent Mij lief, Ik hou van je”. En dàt vind ik een troostrijke gedachte, misschien omdat er van die dagen zijn waarop ik het nog best moeilijk vind om van mijzelf te houden. Dan zijn er momenten dat ik aarzel in mezelf te treden, in die stilte die ik er tref en de angst voor de duizeling van het niets. Want welke bestaansgrond zal ik vinden in mij? Misschien kan ik door die schat te vinden een grote toekomst voor me zien in iets dat klein begint, zoals een mosterdzaadje – met de juiste ruimte om te groeien… 

Vasthouden door los te laten 

‘Loslaten’ lijkt tegenwoordig de sleutel te zijn om het geluk te vinden. Maar Jezus leert ons in zijn boodschap van deze lezing dat we niet zomaar alles hoeven prijs te geven en los te laten, in de hoop dat wij daarmee vanzelf wel die levensschat zullen vinden. Het werkt eigenlijk juist andersom: door ergens zoveel vreugde en voldoening in te ervaren om vrij en ongeforceerd ons leven te willen herzien, in het licht van die ontdekte schat. Niet geforceerd of met pijn in het hart, maar spontaan en vrij. Het ‘toverwoord’ is dus niet het veelgehoorde magische loslaten, waarmee het levensgeluk als vanzelf op je af zou komen, maar de liefde en de passie waarmee je dat wat je doet en degene die je liefhebt vasthoudt vol overgave. Die liefde schept vanzelf een vreugdevol hart, waar die schat al in verborgen ligt – en dat maakt dat we daardoor bereid zijn alles prijs te geven wat die liefde in de weg staat en om onze dromen waar te maken. 

Goede grond? 

Ook in onze kerkgemeenschap hebben we te maken met een afwisselende grond in ons bestaan. Zo is voortzetting van de zondagse vieringen die via livestream worden uitgezonden onzeker. Deze vieringen zijn sinds medio maart tot stand gekomen, als snelle oplossing om als kerk met elkaar verbonden te blijven, zodra de eerste corona-maatregelen werden afgekondigd. De vieringen werden via dit medium goed bekeken en de betrokkenheid werd vertaald in betere ´kijkcijfers´ dan de ´bezoekcijfers´ van de vieringen via het reguliere kerkbezoek. De vieringen met publiek zijn weer mogelijk, zij het onder strikte voorwaarden. 

 Ónze kerk is momenteel ook nog volop druk bezig om hersteld te worden, nadat de felle brand van bijna twee jaar geleden het gebouw grotendeels in de as had gelegd. De grond waarop wij Gods woord beleven en belijden in deze tijd lijkt soms dor en onvruchtbaar, maar ook nu bouwen we aan nieuwe wegen als de oude in verval geraakt zijn. De fundering is stevig, en er wordt weer opgebouwd. Laten we vooral ook met elkaar op weg en onderweg blijven gaan! Want is ons geloof niet altijd al via mensenwegen doorgegeven? 

Niet zoeken, maar vinden… 

Ergens in de aarde ligt een kostbare schat verborgen. De toegang tot die schat ligt verborgen in ons eigen hart. Zodra wij ontdekken waar echte liefde te vinden is -in een persoon, in een opdracht, in een levensweg, in een keuze- zodra wij dus ontdekken dat wij dààr juist geliefd zijn en liefde kunnen geven, dàn ontstaat er vreugde in ons bestaan en een passie die ons voedt en doordrenkt, die ons een kracht geeft om onze moeheid te vergeten, die inspireert om oude gewoonten opzij te zetten en ons nieuwe wegen biedt. Het is het bekende: je moet het niet zoeken, je moet het vinden’, totdat het moment daar is dat je je realiseert dat je niet buiten jezelf moet zoeken wat je alleen binnen jezelf kunt vinden.  

De Zaaier van Vincent van Gogh 

‘De Zaaier’ is een bekend en thema van Vincent van Gogh en een door hem zeer geliefd thema, dat hij zo’n dertigtal keren in zijn schilderijen heeft uitgebeeld. Ik heb die werken altijd een beetje vreemd gevonden: het toont een bezigheid die nogal onzinnig is, zaaien midden in de zomer en onder de felle zon, met aardkluiten in ongewone kleurtonen van lila en blauw. Vooral omdat Van Gogh lange tijd in het Zuid-Franse Arles heeft gewoond, zal hij niet onbekend geweest zijn met de brandende hitte van de zomerzon.  

Het maakt duidelijk dat het niet slechts een observatie van de natuur betreft, maar een grootser idee uitbeeldt. Van Gogh, die theologie had gestudeerd en jarenlang als prediker werkte, zal er een diepere bedoeling mee hebben gehad. Voor hem was het schilderen ook een manier om zijn boodschap over te brengen: de kunstenaar is hierin de Zaaier, wij zijn de grond. Kleurrijk en gevarieerd. En dan is achter die zaaigrond ook het hoog opgeschoten rijpe koren al zichtbaar. 

Welke werkelijkheid willen we zien? De grote Impressionist vraagt ons misschien ook om anders te kijken en de creatie te doorvoelen, om de boodschap erin te verstaan… 

Met dat in gedachten wordt het thema anders: dan lees ik er de cyclus van het leven in, het harde werken in soms moeilijke omstandigheden, op de kleurrijke ondergrond van ons bestaan, waar op de achtergrond de toekomstdroom van de oogst die we kunnen binnenhalen ons al toeschijnt. Door de zaden van geloof kijken we verder dan vandaag… 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *