OVERWEGING ZONDAG 19 DECEMBER 2021 

– DOOR PASTOR ADOLFS

Deze overweging stond al in mijn hoofd en hart geschreven, maar kon niet gehouden worden, omdat de viering in Westend werd afgelast: dit gebouw valt onder ‘niet-essentieel’ en heeft horeca-faciliteiten. Toch wil ik mijn gedachten en gevoelens rondom de lezingen van de 4e zondag van de Advent met vooruitzicht op het komende feest van Kerstmis aan de website en WhatsApp toevertrouwen. In alle bescheidenheid hoop ik dat het een bijdrage kan zijn aan de zin en bedoeling van Kerstmis. 

ADVENT: 4e ZONDAG. LEZINGEN: Profeet Micha  5,1-4a; Lucas 1,39-45

Het evangelie van deze zondag staat bekend als ‘Maria bezoekt haar nicht Elisabeth’. Dit verhaal riep bij mij een aantal gedachten en gevoelens op, die ik graag met u wil delen. Advent wordt vertaald als VERWACHTING. Als het om verwachting gaat -het thema, al bijna vier weken lang van deze adventstijd- zijn wij allemaal ervaringsdeskundigen. Als een ervaringsdeskundige wordt iemand begrepen als hij of zij iets of iemand ‘aan den lijve’ zelf heeft meegemaakt. Wat dit betreft is het evangelie van vandaag ‘uit het leven gegrepen!‘

‘Maria bezoekt haar nicht Elisabeth’: twee vrouwen in verwachting van een kind ontmoeten elkaar vandaag. Elisabeth van Johannes (de Doper) en Maria van Jezus. Onze moeders hebben zo’n verwachting van ons als kind natuurlijk zelf meegemaakt, dus zij, u misschien, spreken ook uit ervaring. Wij waren er zelf bij, al was het toen natuurlijk niet bewust. Over verwachtingen gesproken!

‘In verwachting zijn’ is dus van wezenlijk belang om van en over leven te kunnen spreken. En niet alleen van een kind, maar van veel meer. Vullen wij maar in van wat wij steeds weer en meer verwachten, hopen en verlangen. Het één is nog niet vervuld, of het ander meldt zich al weer aan.

Persoonlijk heb ik een herinnering over verwachting, die ik nooit zal vergeten. De datum van 19 februari 1956 zegt u natuurlijk niets. Het was een koude winterdag en wij waren als gezin bij elkaar: mijn vader, moeder, mijn drie broers en drie zussen. Ik hoor mijn vader aan mij als oudste zoon nog de opdracht geven om in de garage te gaan controleren of onze auto wel ‘vrij’ stond. De garage werd met enige buren gedeeld.

Wat was er aan de hand? Mijn moeder ‘liep op haar laatste benen’, want zij was in verwachting van een achtste kind en zou in het Annapaviljoen gaan bevallen. Wij waren toen woonachtig in Amsterdam. Gelukkig stond de auto vrij, want in de vroege nacht van 20 februari is toen mijn jongste zus geboren. Een bijzonderheid was ook nog, dat het juist gebeurde op de vierenveertigste verjaardag van mijn moeder. Wie kan zo’n verwachting vergeten, al is het vijfenzestig jaar geleden! Bij die geboorte was ik bijna zeventien jaar oud, mijn vader en oudste zus waren werkzaam in onze slagerij en met mijn jongere zussen en broers scheelde ik veel in leeftijd. Uw conclusie mag dus zijn, dat ik veel van de ontwikkelingen en verwikkelingen van het in verwachting-zijn van en met mijn moeder heb gedeeld. Gelukkig is alles goed verlopen en zijn veel verwachtingen uitgekomen en tot op heden toe vervuld, met natuurlijk alle nuances die u zich hierbij kunt bedenken.

De bovengenoemde geschetste situatie is natuurlijk op geen enkele manier te vergelijken met de geboorte van Jezus, zoals die is weergegeven in het verhaal uit de Bijbel. Maar ook Maria en Jozef hebben natuurlijk hun verwachtingen gehad, maar zij zijn daar, om het maar zo te zeggen, behoorlijk bedrogen uitgekomen: een stal, een voederbak, een bedreiging door koning Herodes en een vlucht naar Egypte. Over het verdere verloop van het leven van Jezus dan nog maar gezwegen!

De viering van zondag 26 december is al voorbereid en heeft al thema gekregen: ’Het zal je kind maar wezen!’ Welke boodschap wordt ons dan eigenlijk gegeven op weg naar 25 december, als de herdenkingsdag van de geboorte van Jezus? Valt er wel wat vieren en dan zeker in de toenemende crisis van corona en de nieuwe variant omikron? Uiteraard zullen er beperkingen zijn, hoe dan ook, zowel maatschappelijk, maar ook kerkelijk. Hebben wij het vieren van het feest van Kerstmis eigenlijk elk jaar beslist nodig, kan dan misschien een terechte vraag zijn.

Een feit is, dat de geboorte van Jezus volgens geschiedschrijvers heeft plaatsgevonden. Wij hebben er zelfs onze jaartelling aan te danken. De zin en bedoeling van het vieren van het feest van Kerstmis hangt voor mij niet per se af van het wél of níet kunnen vieren van het feest: hoe graag ik het natuurlijk wél wil. Misschien mag ik zelfs durven zeggen, dat het in de huidige omstandigheden mij meer dan anders doet nadenken over de betekenis van de geboorte van Jezus, ook voor nu en de toekomst.

De slotzin uit het geboorteverhaal van Jezus dat wij met Kerstmis laten klinken (en dat blijft gelden) is toch nog steeds: ‘Eer aan God in den hoge en op aarde vrede onder de mensen in wie hij welbehagen heeft’. Dit staat voor mij als een ‘huis’. Dat God nog steeds welbehagen heeft in ons zou je je af kunnen vragen, gezien alle verwikkelingen in onze huidige wereld. Mijn verlangen, verwachting, hoop en wens is, dat wij God en elkaar daar alstublieft reden voor blijven geven. Daarom blijf ik u en de uwen vast bij voorbaat een Zalig en Gezegend Kerstmis toewensen.

Maria werd door Elisabeth een gezegende onder de vrouwen genoemd. Moge wij elkaar in die geest gezegend wensen, weten en noemen! 

AMEN