– een gedachte, door Els Rentenaar

Als er ooit iemand is geweest die veel in beweging heeft gezet en die zelfs na zo’n 2000 jaar nog steeds een rol van betekenis speelt, dan is dat wel Jezus. Niet omdat Hij een koning of een keizer was, niet omdat Hij een veroveraar of ontdekkingsreiziger was, en ook geen succesvol schrijver of uitvinder; nee, Hij was zelfs niet zelf een directe grondlegger van een religie.  Jezus is, zo mogen wij geloven, de Zoon van God die voor ons gestorven en verrezen is.

Maar wat is Pasen dan precies? Het wordt ons ook niet gemakkelijk gemaakt. Een feestelijke traditie rond een Mens, die eerst moest sterven om de dood te overwinnen? Dat is nog eens andere koek! En nee, dat is beslist geen eitje. 

Onbegrijpelijk?

Eén troost: de opstanding van Jezus was in de tijd dat het zich voordeed voor zijn leerlingen vast net zo onbegrijpelijk als dat het tegenwoordig voor ons is. Als we kijken naar de reacties van de vrouwen bij het graf, maar ook van Petrus, die twijfelde aan het waarnemingsvermogen van de vrouwen bijhet graf, dan bevinden we ons in goed gezelschap als we ook zo nu en dan eens twijfelen. En voor wie uiteindelijk niet in méér dan de dood gelooft, verandert Pasen op zich ook helemaal niets. De Paas-gedachte op zichzelf maakt de wereld helaas ook nog niet beter dan ze is. Het is ook niet zo gemakkelijk om je leven op geloven af te stemmen… 

Het zal ook uiterst verwarrend zijn geweest voor de vrouwen die op weg waren gegaan naar het graf van Jezus: eerst verloren ze de levende Jezus aan de dood, om dan te ontdekken dat ze ook de dode Jezus kwijt waren. Waar kon Hij zijn? Niet waar ze Hem hadden achtergelaten. En geldt dat in wezen ook niet voor ons, wanneer wij met lege handen staan bij de graven van onze dierbaren? We hebben ze overgedragen aan de dood, maar de dood krijgt niet het laatste woord. 

Doodnormaal…

Ziekte, dood, afscheid van een geliefde of afschrikwekkende nieuwsberichten, het zijn gebeurtenissen in ons leven waar we ongevraagd mee te maken krijgen. Het houdt ons leven misschien zelfs voortdurend in de greep. Soms worden lichtpuntjes pas in het diepste donker zichtbaar…  

Pasen doorbreekt wat ‘doodnormaal’ lijkt. Het zet de tijd niet stil, maar gunt ons een blik in de toekomst, verder dan waar wij normaal gesproken kijken kunnen. Een verhaal, een boodschap die verder gaat. Nieuw leven waar de dood geen vat op heeft. Het neerslachtig neerleggen bij het lot van de dood krijgt zo een tegenhang: dat van hoop en vertrouwen. Het geloof dat we niet zullen sterven, ook al blazen we ooit onze laatste adem uit. Voor degene die het geloof gevonden heeft en daarin antwoorden herkent, zijn de feiten niet belangrijk meer. Feiten alleen zijn niet voldoende om tot geloof te komen. Het vraagt om een andere vorm van zien, van luisteren en van denken. 

Wie zoeken jullie?

En die hoop en het vertrouwen dat het uiteindelijk beter wordt kan ook mensen gezamenlijk bezielen, een gemeenschap, een groep, een heel land en wie weet, de hele wereld! Alles hangt af van de beantwoording van die kernvraag: ‘Wie zoeken jullie?’ 

Zodra we ‘het oude’ achter ons kunnen laten en de deuren naar onze harten openen, vinden we het antwoord dat al in ons leeft. Het nodigt ons uit om erop uit te gaan, in werkelijkheid of in gedachten. Om wegen te vinden om ook nu om te kunnen zien naar onze medemens, om in het licht van liefde en vrede te delen en te verbinden. 

Een feest om nooit te vergeten

Laten we dus vooral Pasen vieren! Laten we Pasen vieren, ondanks en met alles wat ons beperkt om voluit feest te kunnen vieren! Laten we vieren in het besef van al het geluk dat ons gegeven is! Maar laten we daarbij vooral de mensen die het moeilijk hebben en die getart worden in hun vertrouwen op een beter leven niet vergeten. Alleen dan kan er echt sprake zijn van het feest van de hoop, van de opstanding. Van frisse moed en de mogelijkheid opnieuw te kunnen beginnen. 

De liefde blijkt sterker dan de dood en de dood kan niet spotten met de liefde. En wie weet, waren het wel de engelen die in deze lezing van Pasen het meest verbaasd waren. Want waarom zochten die vrouwen Jezus in het graf? Wie stellig overtuigd is van de dood, die meent daarin ook bevestiging ervan te vinden. Maar misschien kan het ook wel andersom? Mogen we geloven in de kracht van het leven en in de liefde, want het is vast daar waar we Hem vinden kunnen. Niet als iemand die je ooit nog eens tegen kunt komen, maar als degene die altijd bij ons is. In de contacten met je medemens, in de gedachte in je gedachten, ademend tussen de woorden door. Verwacht het onverwachte. Want: we moeten Hem niet zoeken waar Hij is neergelegd.